Panama: Sociaal beleid
From Handelswijzer Midden-Amerika van de Koninklijke Nederlandse Ambassade te Costa Rica
De mensenrechten worden in Panama over het algemeen gerespecteerd. Aandachtspunten blijven de lange periodes van voorarresten en de slechte omstandigheden in gevangenissen.
Panama heeft een relatief hoge alfabetiseringsgraad, waardoor het merendeel van de bevolking basisonderwijs heeft genoten. Gemiddeld volgen mensen 6,7 jaar onderwijs, wat meer is dan in de meeste andere landen van Midden-Amerika. De problemen binnen de onderwijssector liggen vooral op het gebied van motivatie van onderwijspersoneel, de slechte infrastructuur, de matige kwaliteit van het technisch onderwijs en de schaarse van (modern) onderwijsmateriaal.
De gezondheidszorg wordt beheerd door het Ministerie van Gezondheidszorg en door de CSS (sociale zekerheidsinstituut), die de publieke zorgcentra in beheer hebben. Er zijn tevens particuliere zorgcentra, die vooral door de meer welgestelde delen van de bevolking worden gebruikt. In toenemende mate richt het beleid zich op het verstrekken van basisgezondheidszorg, maar vooral op het platteland en in de armere wijken in de steden zijn deze basisvoorzieningen nog beperkt. Daarnaast beschikken veel mensen in deze gebieden ook nog niet over goed drinkwater en sanitaire voorzieningen.
De sociale indicatoren in de plattelandsgebieden zijn zorgwekkend. In Panama leeft iets meer dan 37% van de totale bevolking onder de armoedegrens, waarvan het overgrote deel op het platteland. Deze situatie wordt negatief beïnvloed door de tendens naar een altijd groter wordende verticale integratie van de economische bedrijvigheid, van productie tot verwerking en verkoop aan de consument. De stijgende marginalisatie van de kleine boeren leidt ook tot grootgrondbezit en een onzekere toekomst voor kleine coöperaties en andere plattelandsgroeperingen. Dit heeft een toename van migratie naar de steden tot gevolg, en een verbreding van de bestaande kloof tussen plattelands- en stedelijke gebieden.
Door de stijgende olie- en voedselprijzen wordt deze situatie alleen maar schrijnender. De zogenaamde canasta básica, de kosten die een gezin gemiddeld per maand maakt aan (huisvesting, eten, kleding en vaste lasten) wordt door de Economic Commission for Latin America and the Caribbean (ECLAC) berekend op USD 496,44 en door de International Labour Organisation (ILO) op USD 750 terwijl het minimumloon USD 325 is.








